Lelystad, mei 2020

In de herfst van 2005 nam ik deel aan een zenretraite in het Stiltecentrum, geleid door pater Gerard Helwig, toen 85 jaar. We maakten kennis met elkaar. Ik was gefascineerd door zijn spirituele diepgang, zijn kalmte en prachtige diepe stem en het feit dat hij als Benedictijn en Ruusbroec kenner vele jaren in de leer was geweest bij de Europese zenpionier en Jezuiet Hugo Enomiya Lasalle. We raakten met elkaar in gesprek en we bleven dat gedurende ruim zes jaar. Maandelijks bezocht ik de abdij en in een kleine kamer, bij een kop koffie, bogen we ons een dagdeel over de teksten van mysticus Jan van Ruusbroec. Een jaar na mijn eerste retraitedeelname vroeg Gerard me of ik de retraites van zenlerares Greetje Limpens (opvolgster van Ton Lathouwers) wilde en kon overnemen. Greetje zag zich na vele jaren begeleiding wegens ziekte genoodzaakt terug te treden . Ik sloot het verzoek kort met mijn zenleraar Nico Tydeman Sensei in Amsterdam die zijn instemming gaf.

Pater Helwig overleed in 2012. Maar in alle retraites die ik sinds 2006 heb mogen begeleiden was de geest van Gerard volop aanwezig. Alleen al door het bestaan van het Stiltecentrum (sinds 2019 onder de naam Abdijhoeve). Met pater Van Heijster was hij in de jaren ’70 van de vorige eeuw de initiator van het Stiltecentrum. Nadat ze van Lasalle toestemming hadden gekregen zelf zencursisten en -groepen te begeleiden kon de voormalige veeboerderij naast de abdij worden verbouwd tot een conferentie- en stiltecentrum.

Het was een enorm voorrecht zoveel tijd te hebben kunnen doorbrengen met deze religieus. Naast Nico Tydeman (thans Roshi) was Gerard mijn tweede leraar christelijke mystiek. De christelijke traditie en het Zenboeddhisme zijn mede dank zij hen voor mij levende wegen geworden waarvan de essentie bij elke stap op dit levenspad een uitdrukking vindt.

Nu, na 15 jaren en de begeleiding van 60-70 retraites met vele honderden deelnemers, neem ik afscheid van de abdij en het centrum. Niet vanwege de pandemie die nog altijd heerst of een andere reden, maar eenvoudigweg omdat de tijd daar is. De abdijgemeenschap ontwikkelt zich, de Abdijhoeve ondergaat een uitbreiding – anderen zullen de retraites verder de toekomst in leiden en begeleiden. Dit jaar blijf ik samen met een gast/-vrouw de retraites nog begeleiden. De juni-retraites zullen worden geannuleerd vanwege de restricties die gelden voor groepsbijeenkomsten. Naar we hopen zullen de retraites in juli en daarna wel mogelijk blijken.

Er is door de jaren heen een gemeenschap ontstaan van deelnemers die ik begeleid. Een aantal van hen inmiddels 10-13 jaren. Enkele van hen hebben Jukai ondergaan, de ceremonie voor de wijding tot boeddhist. Door de jaren heen zag ik de cursisten in het centrum twee, soms drie keer per jaar. En, als het mogelijk was, ook tijdens de workshops met mijn leraar Maurice Roshi die sinds 2011 twee keer per jaar in Lelystad werden gehouden. Tijdens de coronacrisis heb ik met een groot aantal van hen contact via skype, mail en telefoon, met enkele ook wekelijks.

De begeleiding van de retraites in de abdij is voor mij een hele belangrijke leerschool. Ik neem deel en voel me daardoor dikwijls evengoed en vooral een deelnemer, soms meer dan een leraar en gids. En voor mij klopt dat ook, want hoewel je als zenleraar formeel de cursist één stap voorgaat, is het tegelijkertijd een volwaardige uitwisseling, een dialoog in een setting waarin cursist(e) en leraar één zijn.

De setting van het centrum is heel bijzonder, ja, uniek. Weinig centra in Europa combineren in een volwaardig retraiteprogramma de christelijke en zentraditie op deze wijze. Zoals we het in de brochure van de Abdijhoeve ook hebben verwoord: ‘In onze drukke, veeleisende samenleving zijn mensen op zoek naar een antwoord op dringende levensvraagstukken, naar zingeving en geloofsverdieping, naar rust in het hart. De Abdijhoeve Betlehem wil ten dienste staan aan allen die zoeken naar innerlijke heelheid, naar groei en verdieping van hun geloof. In de Abdijhoeve Betlehem spreekt de beleving van zen meditatie én de dagelijkse liturgische vieringen van de monniken in de abdijkerk, tezamen de zenretraite, zeer veel mensen aan. De gebedsdiensten van de monniken behoren tot het westerse spirituele erfgoed en zijn voor veel gasten van de abdij als zodanig herkenbaar. Tegelijk vinden ze in zen meditatie een vorm van (diepte)inkeer die hen helpt werkelijk voorbij zichzelf, tot aan het diepste in henzelf te gaan.’

Ik ben de huidige abt, pater Henry Vesseur, en de broedergemeenschap dankbaar voor de wijze waarop zij het centrum nu inmiddels bijna 40 jaar dragen. En hetzelfde geldt richting zenleraar en pater Kees van de Muijsenberg, naast pater Vesseur en mijzelf, de derde mede-begeleider in het programma van de Abdijhoeve, en, uiteraard richting de vele onmisbare gastheren en gastvrouwen met wie we de retraites in al die jaren hebben kunnen en mogen begeleiden. Velen dragen bij in de organisatie van de weekenden en midweken.

Daardoor heeft het centrum in de loop van de decennia een trouwe en groeiende groep bezoekers kunnen verwelkomen. Voor veel bezoekers met een christelijke achtergrond was en is het centrum een plek waar men de eigen christelijke traditie opnieuw kan verinnerlijken. Voor zenmeditatie is het niet nodig je eigen spirituele traditie te verlaten. Zen biedt juist de mogelijkheid die traditie te herontdekken, te verhelderen en opnieuw gestalte en vorm te geven.

Voor mij vormen beide tradities in de wijze van begeleiding en training die ik geef, een schatkamer van rituelen, symbolen, woorden, hulpmiddelen (upaya) en oorsprongsgetuigenissen. Het kruisbeeld als beeld van het leven in de tijd en geworteld in onze oorsprong, dit ogenblik. Het Boeddhabeeld met het begin van een glimlach op het gelaat als expressie van diep begrip en mededogen. Maria als het wezen van Bamhartigheid. De prachtige Bergrede, Prediker als zentekst, het Hartsoetra, de Sandokai-tekst, Mozes als ons eigen verhaal van zoeken en beoefening en de worsteling met onze persoonlijke (schaduw)kanten, gelijk het verhaal van Jezus en de Boeddha. Zenleraren uit historie en in onze tijd en christelijke mystici uit verleden en heden vormen boeiende inspiratiebronnen. En alles, werkelijk alles daarin, reflecteert dit bestaan, ons bestaan, de Weg die onze geest is en die zich in het volle Licht hier en nu ontvouwt, in een onbegrijpelijke grondeloosheid, veelzijdigheid en onmiddellijkheid.

Het is heel, heel bijzonder dit te kunnen delen en verkennen met cursisten, met mensen die zoekende zijn, vol verlangen en toewijding om het bestaan te doorgronden. Dat zullen we blijven doen. In andere vormen, op andere plaatsen.

Ik ben diep dankbaar voor de achterliggende jaren en wens de abdij en Abdijhoeve – hun gemeenschap en bezoekers alle goeds.

Met een hartelijke groet,

Ben Claessens Sensei

Ensō Zen Circle – Lelystad

 

Maria Wisława Anna Szymborska (1923 – 2012) behoort tot de belangrijkste dichters van haar generatie in Polen en is een van de meest gelezen én gelauwerde dichters van deze tijd. Ze schreef ca 400 gedichten die in 40 talen werden uitgebracht. In 1996 won ze de Nobelprijs voor Literatuur.

Een cursiste maakte me attent op haar. Ze stuurde me enkele gedichten toe, waarvan op deze plaats ‘Leven voor de vuist weg’ is opgenomen. Een wonderschoon gedicht, een Zen-vers over de mens van vlees en bloed in al zijn grootsheid, naaktheid en sterfelijke kwetsbaarheid.

Leven voor de vuist weg
Voorstelling zonder repeteren.
Lichaam zonder passen.
Hoofd zonder overleg.
De rol die ik speel, ken ik niet.
Ik weet alleen: hij is van mij, mag niet geruild.
Waar het stuk over gaat,
Moet ik maar raden op het toneel.
Beroerd voorbereid op de eer van het leven,
kan ik het opgelegde tempo nauwelijks aan.
Ik improviseer, hoewel ik walg van improviseren.
Bij elke stap struikel ik over mijn ondeskundigheid.
Mijn manier van doen riekt naar de provincie.
Mijn instincten zijn die van een dilettant.
De plankenkoorts die mijn excuus is, vernedert me nog meer.
Verzachtende omstandigheden ervaar ik als wreed.
Woorden en reflexen kun je niet terugtrekken,
te veel sterren om te tellen,
een karakter dat je als een jas al rennend dichtknoopt –
ziedaar de treurige gevolgen van dat overhaasten.
Als je maar voor één woensdag bijtijds kon oefenen,
tenminste één donderdag een keertje mocht herhalen!
Maar nee, daar komt de vrijdag al met een mij onbekend scenario.
“Is dat fatsoenlijk?” vraag ik
(met schorre stem,
Want ik mag achter de coulissen niet eens mijn keel schrapen).
Het is een illusie te denken dat het maar een vluchtig examen is,
dat in een provisoire ruimte afgelegd wordt. Nee.
Ik sta te midden van de decors en zie hoe stevig ze zijn.
Word getroffen door de precisie van de vele rekwisieten.
Het draaimechanisme van de vloer werk al een poos.
Zelfs de grootste toneellampen branden allemaal.
Nee, geen twijfel aan dat dit de première is.
En dat wat ik ook doe,
voor altijd verandert in wat ik heb gedaan.
(uit: Einde en begin. Verzamelde gedichten)

Je bestaan als spiritueel pad leren kennen, ervaren en voorleven vraagt om dagelijks onderhoud – momenten waarop je jezelf herinnert waar je bent, wat je bent en met wie je bent. Her-inneren, dat wil zeggen, opnieuw verinnerlijken wat is. Onze wezensaard doordringt het universum en wordt hier en nu ervaren. Hier en nu kunnen we ons enige keren op een dag daartoe bekennen – alleen of in een groep. Het blijft een beoefening voor ons als individueel persoon steeds weer onszelf over te geven aan wat ‘is’ – wat ons en alles voortbrengt, bindt en vereend. Die beoefening kan op diverse wijzen plaatsvinden – enerzijds via spirituele rituelen en liturgie en anderszins in het oefenen om door de dag de zintuigen alert en open te houden en terug te komen in je lichaam – immers, het Koninkrijk Gods in u. Het is mij nader dan ik mijzelf – waar ik me met wie ook bevind, ongeacht wat ik doe of wat er gaande is.

De pdf die je hieronder kan aanklikken, bevat richtingwijzers voor de inrichting van een altaar, voor rituele momenten door de dag heen en liturgische teksten ter recitatie bij bepaalde gelegenheden. Richt aldus de dag in zoals die bij jou en het leven in samenzijn met anderen past. Van belang is het onderhoud ervan.

Voor de hele tekst klik Leidraad voor de Zenbeoefening.

Allereerst wil ik de hoop uitspreken dat eenieder van jullie en jullie naasten, familie, vrienden en collega’s gezond en wel zijn. Er staat ons niets in de weg om hierbij de hele wereldgemeenschap in ons gebed te betrekken, immers in de Geest zijn we één en niet gescheiden. Ook nu we vooral aan huis gebonden zijn leert het meditatieve leven ons dat we overal waar we gaan met alles en iedereen wandelen, niemand uitgezonderd.

Dat we nu niet samen kunnen zijn toont de werkelijkheid van de beoefening die helder wil maken dat er enkel een NU, dit moment, is waarin alles oprijst en weer verdwijnt, waarin verleden, heden en toekomst thuis zijn en waarin geen moment hetzelfde noch voorspelbaar is. Mijn eerste zenleraar Nico Tydeman schreef een boek met de titel: Dansen in het duister. Hoe moeilijk te vatten ook, dat is ons bestaan, met alle concreet ervaren vreugde en verdriet bevinden we ons in een mysterie.

Voor de hele tekst klik De spirituele beoefening is voor alle tijden.

Ieder individu reageert op een geheel eigen wijze op de huidige tijd en de gebeurtenissen daarin. We kunnen en mogen de emoties die mensen in hun greep krijgen en uiten niet ontkennen. Het is een gegeven. Spiritualiteit is onze persoonlijke beoefening waarin we alles en iedereen meenemen maar waarin we ieder ander kunnen laten zijn voor wie hij of zij is. Ieder bevindt zich op een eigen pad, in een eigen proces, doorloopt fases die bij hem of haar horen en ondergaat het bestaan en handelt in de situaties daarin al naar gelang het eigen vermogen.

Zo stort God of Boeddhanatuur de mystieke kracht van inzichten in eenieder zoals het heet ‘naar vermogen’, voor wat een ander aan kan, want alles heeft zijn tijd.

Voor ons is de essentie te weten dat in eenieder de aanwezigheid Gods of Boeddhanatuur een gegeven is. Ieder, zonder onderscheid, is de expressie, geschapen naar het beeld van het Scheppende. Onze natuur reflecteert zo bezien op levendige en voortdurend veranderende wijze een miljard gezichten. En in de ogen van eenieder straalt hetzelfde Licht. Het is Licht waarin zowel leven als dood thuis zijn, waaruit bloemen bloeien en verwelken, waarin de zon opkomt en ondergaat. Het is geen nieuw inzicht. Maar het is dit inzicht van niet-weten dat we ons in de spirituele beoefening weer herinneren en verhelderen en van waaruit we al vallend en opstaand leven en handelen.

Alle goeds, stay safe, Ben Sensei

Foto: Lo Wong (Pexels)

 

Beste lezer(es),

Om de verspreiding van het Corona-virus te beperken zijn de zenretraites in stiltecentrum Abdijhoeve Betlehem welke van 20-22 maart en van 17-19 april gepland staan afgelast. Wij vertrouwen op uw begrip voor deze beslissing. Uw reeds gedane betalingen zullen worden teruggeboekt op uw bankrekeningnummer.

Mede namens abt Henry Vesseur, Ben Claessens Sensei en pater Kees van den Muijsenberg:

Wij hopen u bij een volgende retraite weer te mogen ontvangen.

met hartelijke groet,
Hanno,
Secretariaat Stiltecentrum
p\a Abdijhoeve Betlehem

Alles heeft zijn tijd, zei Prediker. Voor alles is een tijd. In het leven hebben we dat niet altijd in de gaten. We denken dat veel maakbaar is, planbaar enz. Ons ego-denken is gewend alles te regelen, te plannen en te controleren. In de zentraining willen we het ego tot het ware Zelf terugbrengen – met andere woorden masseren en sensitief maken voor de eigen oergrond of bron.

Om daar voeling mee te krijgen, zich daarvoor te open en het uiteindelijk ten volle te ervaren, vraagt tijd. De zentraining lost geleidelijk de beschermlagen van het ego op –  als ijs of boter dat smelt in de zon. Dat kost tijd en bij iedere student verloopt het proces anders. Eenheidservaringen vragen om overgave. Men krijgt kleinere en grotere ervaringen – onverwacht. Ik zeg geregeld: als men ernaar reikt, wijkt het. Het universum laat zich niet pakken. Het ego moet leren dat hier de regel geldt – niet mijn wil maar Uw wil geschiede. In spiritueletermen spreken we van ‘sterven’ teneinde herboren te worden. Allen op een dode tak bloeit een bloem.

Eenmaal de eenheid ervaren na een moment van overgave, dient de ervaring te slijten en in het alledaagse leven een plek krijgen. Leraren kunnen op het moment zelf mee dansen in de vreugde met de student maar al snel wordt hem of haar gezegd – nu weer de tuin in onkruid wieden of, de vaat moet nog worden gedaan. Terug naar de basis, opnieuw gronden, aarden is de beste remedie om de ervaring te laten slijten. Ook dat kost tijd, geen dagen of weken maar maanden en jaren.

Daarom kost een zentraining ook vele jaren. We zoeken naar de grond, het universum dat ons voortbrengt, waaruit alles oprijst. We beginnen aan een lange weg om er achter te komen dat we ons huis nooit verlaten hebben. We waren altijd al thuis. Elk idee iets te hebben bereikt, dat we iets hebben dat een ander niet heeft, dat we ons ergens op kunnen beroepen moet sluiten. Het kost tijd te leren omgaan met de perspectieven van eeuwigheid en tijdelijkheid – de twee dimensie die één en in ons leven. Het kost tijd. Het vraagt geduld. Er valt niets te forceren. Het is een zaak van ontvangen – door jezelf te geven. Je geeft jezelf in momenten van zelfvergetelheid, als jij, je ego, er even niet is en het leven zelf zonder belemmering in alle enormiteit zich kan ontvouwen. Het kost tijd. Geduld.

Foto: Irina Iriser – Pexels

 

 

Hoe vaak hoor ik mensen verzuchten – het is zo druk, had ik maar even de tijd voor mezelf! Mensen die dit uiten, kijken te ver weg. Ik vrees dat ze zich nooit echt hebben gerealiseerd dat ze staan in hun eigen leven, en dat alle tijd die ze hebben de tijd van hun leven is.  Hier en nu. Altijd. Ieder ogenblik.

Het is bijzonder jammer te zien hoe mensen het leven aan zich voorbij laten gaan, al die momenten die slechts een doel hebben – mensen hun eigen bestaan te laten ervaren en in het eigen leven te bevestigen. Al die momenten met talloze kleine handelingen, indrukken, situaties, emoties, gevoelens en gedachten – het zijn momenten van grootsheid want alles is er met elkaar verbonden is, niets en niemand is ervan uitgezonderd. In ieder ogenblik ontvouwt zich het universum voor ons geestesoog.

Hoe bijzonder! Welk een schat dragen we met ons mee!

 

 

 

Zen leert de mens, terwijl hij in de uiterlijke wereld actief is, die uiterlijkheid te doorgronden door ‘in’ de aard der dingen te kijken, deze aard te ont-dekken.

Daarom wordt ook wel gezegd dat een zen-mens, als hij eenmaal in de aard van het bestaan is binnengedrongen, nooit meer naar ‘buiten’ hoeft te kijken.

Hij kan de dingen ongemoeid laten omdat hij hun aard kent.

Hij weet en ervaart, de energie van die aard vloeit door hem heen, hij herkent de dingen als zijnde zichzelf, hij is opgenomen in de stroom van het bestaan en wordt erdoor bewogen, onbelemmerd, ongehinderd.

En het is die stroom van energie die in de mens, buiten zijn wil, zonder onderscheid liefde, compassie en grondeloze waardering wekt.

Ieder moment, zo ziet de ontwaakte mens, is van onvergelijkelijke waarde, uniek en groots in al zijn schoonheid én al zijn afschrikwekkendheid.

Ook degene die het leven als last ervaart, kan door zen-beoefening plots letterlijk met ontwaakte, andere ogen in het leven komen te staan en inzien dat hij het eigen leven nooit een kans heeft gegeven.

Dát leven, met alle onvoorspelbaarheid, gaan waarderen, is in mijn ogen de unieke vrucht van de zen-beoefening.

Foto: Lin

Tijdens de jaarlijkse retraites van stichting Izen onder leiding van Maurice Knegtel Roshi staat de laatste jaren met regelmaat een onderdeel op het programma: de 108 buigingen. In 20-25 minuten maken de deelnemers 108 keer een volle buiging, wie daartoe wegens fysieke omstandigheden niet goed in staat is, maakt de buigingen staand. De 108 buigen zijn gekoppeld aan 108 smetten en het zuiveren daarvan. De Five Mountain Order of Zen licht de 108 buigingen als volgt toe:

  • We have 6 doors of perception: sight, sound, smell, touch, taste and thought.
  • There are 3 aspects of time: past, present and future.
  • There are 2 conditions of the heart/mind: pure or impure.
  • There are 3 possible attitudes: like, dislike and indifference.
  • Korean Buddhists use this formula 6 x 3 x 2 x 3 = 108 bows to cut through our Karma.

Maar het getal 108 zien we in ritueel en geloof op veel meer gebieden terug.

  • In het Lankavatra Soetra stelt de Boeddha 108 vragen waarop hij zelf antwoord geeft.
  • Grote boeddhistische tempels hebben 108 treden.
  • De diameter van de zon is precies 108 keer de diameter van de aarde.
  • De diepere ziel, Atman, doorloopt 108 fases op diens reis naar verlichting.
  • In de Koran verwijst het getal 108 naar Allah.
  • De voorspelling in de astrologie wordt bepaald door 12 huizen en 9 planeten (12×9 = 108)
  • Het in diverse religies geberuikte bidsnoer – mala – telt 108 kralen.
  • Ter afsluiting van het oude en het inluiden van het nieuwe jaar wordt in boeddhistische tempels in Japan 108 keer de klok geluid –elke klokslag stelt daarbij de 108 wereldlijke verleidingen voor die een mens moet weerstaan om Nirvana te bereiken.
  • In de Cambodjaanse Angkor Wat tempel bevindt zich een afbeelding van een slang waaraan wordt getrokken door 54 goden en 54 demonen.
  • Het prehistorische monument Stonehenge heeft een diameter van ongeveer 108 voet
  • in diverse verdedigingsporten is 108 een belangrijk symbolisch getal – zo bestaan in een vorm 108 drukpunten en in een andere 108 bewegingen.
  • De hoeken van een regelmatige vijfhoek zijn 108 graden.
  • Op bepaalde dagen in het jaar worden er wereldwijd 108 zonnegroeten gedaan door yogi’s. Dit gebeurt vooral om de ‘spring equinox’ (het einde van de winter en de komst van de lente) en de ‘fall equinox’ (het einde van de zomer en het begin van de herfst) te markeren.

Sommige voorbeelden komen uit Boeddha’s Kookboek (met dank aan Margreeth en Ben!) waarin ook het 108 dagen programma om Boeddha’s voedingsleer in je leven in te passen. Een aanrader!