Ter afsluiting van het seizoen 2019-2020 werd deze nieuwsbrief verzonden aan cursisten en relaties van Ensō Zen Circle. Het was een seizoen dat dit voorjaar in het teken stond van de maatregelen rond de coronapandemie. Voor meer zie hier Nieuwsbrief Enso Zen Circle zomer 2020

(Afbeelding: Verenigde Naties – Unsplash)

 

Wat me van jongs af aan heeft bezig gehouden en me later ook op het zenpad bracht was het vraagstuk van het leven zelf. Wat is dit, dit merkwaardige bestaan? Hoe zijn we hier gekomen? Wat is onze bestemming? Spiritualiteit is in duizenden jaren door het mensenras ontwikkeld – vanaf het moment dat er iets van bewustzijn van de omgeving tot de eerste mensen doordrong ontstonden er rituelen die dienden ter aanbidding van de natuur – de wisseling van dag en nacht, de wisseling der seizoenen, zon en maan, regen, onweer, water, de dieren- en plantenwereld enz.

Het is de last van het bewustzijn. Het is het bewustzijn dat een duale wereld heeft gecreëerd. Wellicht is dat de zondeval zoals die in het Bijbelse Genesis wordt beschreven, de val uit het paradijs. En het is langs de weg van spiritualiteit dat we opnieuw tot intimiteit met ons bestaan en de aanwezigheid van het ‘verborgen’ paradijs kunnen komen. Dat paradijs of hemel (Boeddhanatuur) is voor het duale bewustzijn verborgen en tegelijkertijd is dat bewustzijn ook de ingang. Want ons bewustzijn en alles wat we er in meemaken, zien, voelen en ervaren IS de expressie van onze wezensnatuur. Als we een moment dat drukke bewustzijn kunnen laten rusten – onszelf aan de peilloze diepte ervan kunnen overgeven, ervaren we de oneindige, klare oceaan. En daarmee de onmiddellijkheid en de onvermijdelijkheid der dingen.

De ‘onvermijdelijkheid’ der dingen, van het bestaan is waar ik naar toe wil. Het is een uiterst fascinerend begrip. En het is niet wat je wellicht denkt dat het is. Het is niet een equivalent van lotsbestemming, iets van ‘wat er gebeurt, is onvermijdelijk’ of ‘het heeft zo moeten zijn’, als uitkomst van een bepaalde situatie, de uitkomst van een gedrag, of het resultaat van een teaminspanning. Dat is een verklaring, toelichting of constatering en altijd achteraf en daar gaat het hier niet om. De onvermijdelijkheid waarop ik hier doel refereert niet aan enige gang van ontwikkelingen of processen, het verwijst direct naar de onmiddellijkheid van hier en nu, waarin processen en omstandigheden niet aan de orde zijn, noch gedrag van individuen, noch verklaringen, analyses enz. Je zou kunnen zeggen dat in wat ik aanduid met ‘onvermijdelijkheid’ alle functies van het bewustzijn, alle lagen, alle niveaus, alle cirkels van verklaringen en redeneringen, van emoties en gevoelens, al wat zichtbaar is en alles wat er gebeurt, alle situaties en alle omstandigheden is teruggebracht tot een 0-punt – in zentermen, teruggebracht tot Zoheid. Zoheid kan worden ervaren en de ervaring ervan is de ongrijpbare onmiddellijkheid van het bestaan. En het is in die onmiddellijkheid waarin onvermijdelijkheid schuilt.

Onmiddellijkheid is de ervaring, onvermijdelijkheid is wat die onmiddellijke ervaring toont, het is het gebeuren zelf in alle puurheid. We leven het leven en het is in die zin onvermijdelijk. Je kan er niet uit, je kan er niet omheen, je kan het niet ontvluchten, het is onvermijdelijk. Je kan het als een gevangenis zien maar dat is het niet. Het is volstrekt open en oneindig en het toont zich in alle verschijnselen als een onvermijdelijk gegeven. De onvermijdelijkheid verwijst naar het allesomvattende, het is niet één aspect, één voorval of één ding. Het is totaal. Dat waarnaar onvermijdelijkheid verwijst is wat ons beweegt maar wat we er vervolgens van maken staat al weer los van die onvermijdelijkheid. Onvermijdelijkheid omvat alles en het drukt zich op een wijze uit die we niet kunnen pakken, veranderen, karakteriseren of begrijpen.

Wat kun je met dit gegeven? Wel, het is te ervaren, in alles wat gaande is zonder dat we zeggen dat situaties onvermijdelijk waren. Breng het naar jezelf toe, neem er in plaats, laat het werken, en ervaar het. Het toont je dat we dit leven te leven hebben, dat ieder moment telt, dat iedereen en alles ertoe doet, dat de enige manier om dit leven te leven is om er voor te staan, verantwoordelijkheid te nemen voor je denken en doen, dat dit leven weliswaar ons individuele pad omvat maar tegelijkertijd een pad is dat we gaan met alles en iedereen. De onvermijdelijkheid der dingen is heel erg dichtbij, het zit in je huid genesteld, je botten, je genen, je cellen en alles en iedereen werkt erin door. Dat is waarop we doelen wanneer we spreken over ‘intiem zijn met je bestaan’.

Maandenlang snakten we naar normalisering van leven, naar samen leven. Inmiddels kunnen we voorzichtige stappen op de weg terug zetten, naar ‘normalisering’. Maar wellicht is ‘normalisering’ voor en in deze tijd niet het juiste begrip. Normalisering is de herinnering aan en het weer oppakken van wat het leven in de pre-pandemische tijd was: voor velen een wereld van volle agenda’s waarin we soms voorbij gingen aan wat werkelijk belangrijk is. De pandemie bracht het gewoel, het stof even tot rust en gunde ons een tijd van her-waardering, een tijd om prioriteiten opnieuw te stellen. Om de vele zaken die we in alle gedoe zo gauw vergeten weer te herinneren. Zoiets als – hoe bijzonder dat het elke ochtend licht wordt. Of dat je bij het zetten van een kop thee of koffie opmerkt dat er zomaar helder en fris water uit de kraan komt. Het geluid van een bromvlieg, mensenstemmen, de wind. De warmte van de regen en de geur van de buitenlucht na een fikse regenbui. Je iets herinneren is (opnieuw) sensitief worden voor bepaalde aspecten.

Laten we niet terug gaan naar normalisering maar naar een leven waarin we onszelf in staat stellen geregeld te kunnen herinneren aan wat er toe doet. En, aan de hand daarvan, voor de dag van vandaag en morgen, te kunnen bepalen wat ons te doen staat. Als je ineens wordt afgesneden van wat zo gewoon leek en het er ineens niet meer is, kun je stilstaan bij de vraag waarom je zo lang op de automatische piloot hebt geleefd. En kun je beseffen van welke onschatbare waarde en hoe onvervangbaar zoveel in het leven is.

Wie op de automatische piloot leeft ontgaat wellicht het wonder, het spirituele aspect van dit bestaan, namelijk dat mensen en dingen niet buiten ons zijn – maar dat alles hier, ‘in’ ons ontstaat en functioneert. Daar ontmoeten we elkaar, daar gebeurt het. En daar zijn alles en iedereen met elkaar verbonden, onlosmakelijk. Het geluid van muziek op de radio staat niet los van de bries van de wind, de rozenstruik en de geur ervan, auto’s in de straat, stemgeluiden, de stoel en de tafel, de zon, de maan en de sterren. Onze geest is één en vindt per moment een wisselende expressie in beelden, in wat wel eens lijkt op een hechte, precies passende kaleidoscopische puzzel van miljoenen stukjes. Daarin gaat het wonder schuil. Want het zijn die miljoenen stukjes die ieder (ogenschijnlijk afzonderlijk) stukje mogelijk maken – het stromend kraanwater, de stoel, de bries, het geluid van een stem. En al dat speelt hier, op dit moment, in jou en in mij. We staan in hetzelfde.

Spiritualiteit is in feite een oproep de normalisering te doorbreken en door te dringen tot je diepere geheugen – die laag die je helpt je te herinneren – lees; te ver-innerlijken – waar we in staan, wat en wie je in werkelijkheid en wat er toe doet.

Foto: Priscilla Du Preez – Unsplash