Hongerige geesten, dorstend naar water. Je drinkt er aldoor van maar je kent de smaak niet. De Oceaan van harmonie en compassie wordt door velen ervaren als een Oceaan van lijden. De oorzaak is onwetendheid. Ze kijken en zoeken te ver weg. Hoe kan je de Weg vinden die je al gaat? Water kan nooit water vinden. Je blik en spraak zijn er één mee. Je tilt de ene voet op en zet de ander en verlaat de plaats van Verlichting nooit. Kijk! Zie! Maar je kijkt met de blik van de bezoedelde geest, vanuit denken in oorzaak en gevolg waardoor alles versplintert en verstrooid lijkt. Laat die neiging achter, zie met de ogen van de ruimte en je zult zien dat we er geen sprake is van ontwaken omdat alles al ontwaakt en van nature één. Denken, voelen, zintuigen en emoties zijn functies van het ene. Het universum hangt onder alles ons denken en doen. Geen ding, hoe groot of klein ook staat op zichzelf en kan zonder al het andere. Ze voeden elkaar, brengen elkaar voort maar de mens is in staat te volharden onderscheidmakend denken. Hoe arm wordt het leven zo. Men omhelst het tijdelijke en ziet niet de harmonie met het eeuwige. Alle treurnis en lijden in de wereld is daaraan te wijten. Onwetendheid overheerst. Keer de blik naar binnen, dring door in je eigen geest en laat alles achter. Dan, als de appel rijp is, zal de boom je in een onbewaakt ogenblik loslaten, je blik ontdoen van alle beperkingen en jou herenigen met alles en iedereen als de pure expressie van de eigen peilloze eeuwigheid van de oneindige geest.

Ben Claessens – Zen Cirkel Lelystad 2016

De Boeddha is de ene heldere Aanwezigheid die zich toont in iedereen en alles. De Boeddha zien is de Dharma zien en jezelf in de ander, de Sangha. Alleen in een geest van niet-weten openbaart zich de harmonie en natuurlijke ordening van onze Weg. Neem je toevlucht tot de Boeddha, de Dharma en de Sangha, laat je geest onbezoedeld, maak het juiste onderscheid en breng aldus de grote compassie tot bloei als de zuivere bloem van dit bestaan.

Ben Claessens – Zen Cirkel Lelystad zomer 2016

‘De openheid van het licht is in uw binnenste aanwezig en in alle opzichten volledig. Wat zou u buiten de openheid van het licht nog gretig willen najagen?’ We kunnen veel óver zen vertellen maar uiteindelijk gaat het om de directe ervaring, leert ons bovenstaand citaat van de Japanse zenmeester Koun Ejo (1198-1282). In zijn traktaat windt de Japanner er geen doekjes om. Hij beschrijft zen als de oefenweg naar verlichting. Niet tasten naar vergelijkingen noch je toevlucht in de stilte zoeken. Je niet hechten aan het heilige noch het wereldlijke verwerpen. Het kennen van de aard van het eigen bewustzijn, dát is het geheim van verlichting. Zen beoefenen, is met een fris en ontvankelijk oog door het leven gaan, in het diepe besef uiteindelijk te allen tijde met lege handen te staan. Die eenvoud, directheid en transparantie spreekt in het westen blijkbaar ook een groeiende groep christenen aan. Ze zien er een kans in om het eigen geloof te doorgronden en het eigen bestaan als ‘samen leven’ intenser te beleven.

Objectloze meditatie

Europa maakt in onze tijd kennis met zen, een stroming van het mahayana boeddhisme. Zen zelf vindt zijn oorsprong in de versmelting van het boeddhisme met het taoïsme in het China van de 2e eeuw. De eerste term luidt ‘ch’an’ en is afgeleid van het Indiase Sanskrietbegrip dhyana (meditatie). ‘Vergeet het vangnet, grijp de vis’, is een ch’anuitspraak uit de 3e eeuw. Hij verwijst naar het rechtstreeks doordringen tot transpersoonlijke waarheid. Ch’an kwam in China en Korea tot bloei na de 5e eeuw en woei over naar Japan waar ch’an tot zen werd. In de vorige eeuw maakten Amerika en Europa er kennis mee. Inmiddels zijn er overal opgeleide en geautoriseerde leraren in de eeuwenoude zentraditie. Ze dragen de dharmaleer over. Naast teisho’s of dharmatalks van de leraar en het lezen van (soetra)teksten is zazen, de objectloze meditatie op een kussentje, een zenpijler. “Zazen beoogt het ik-bewustzijn stil en ontvankelijk te maken opdat het zich van alle verwachtingen en ideeën ontdoet. Alleen zo kan de werkelijkheid ongecensureerd het individuele maar onpersoonlijke bewustzijn binnengaan en vanuit deze ‘inwoning’ het leven van de zenstudent beïnvloeden”, zegt leraar Nico Tydeman Sensei die ik in 1985 voor het eerst ontmoette en bij wie ik in 1998 mijn officiële zentraining begon.

Van verkramping naar bevrijding

Zentraining is de inwijding in het bestaansmysterie. Die training is kennelijk nodig om de verkramping van het ego – hetgeen zich uit in het zich vastklampen aan concepten, begrippen en vooringenomen opvattingen over zichzelf en de wereld – weg te nemen en de mens tot zelfvergetelheid en overgave te bewegen. De persoonlijke, directe eenheidservaring is cruciaal. Deze vruchtbaar laten worden in deugdzaamheid en mededogen, zodat ook anderen zich kunnen bevrijden, is uiteindelijk de levensopgave. Het is de taak van de leraar om als mystagoog de zoekende mens (myste) bij te staan op zijn unieke zoektocht naar innerlijke verlossing.

Uit: Geïnspireerd door een Groot Verlangen – door Dom G. Helwig en Ben Claessens

De Kovel, nr 3 2008, uitgave van de Benedictijner en Sistercienzers kloosters in Vlaanderen en Nederland.