Zen is luisteren. Naar wat? Naar de werkelijkheid. Maar wat is die werkelijkheid? Geen idee maar het manifesteert zich in wat zich hier en nu, dit moment voordoet in vele verschijningen en beelden, geluiden, gevoelens, emoties en gedachten. Het zijn aspecten van een werkelijkheid met een eigen taal, dat is waarnaar we luisteren. Met de oren aan mijn lichaam, maar vooral met de oren van die werkelijkheid zelf, de oren van de ruimte waarin alles zich voordoet.

Daartoe is het zitten, de contemplatie van belang. Dit helpt mij om ‘te verzaken’, het hart te reinigen. Het zijn niet de verschijnselen en beelden, de gevoelens en emoties die mij hinderen de werkelijkheid als werkelijkheid te ervaren, het is de bevangenheid met mezelf, met wat IK zie, IK wil, Ik wil weten, Ik wil hebben, IK wil doen. Ik ben zelf de grootste belemmering. Het zitten, verheldert die bevangenheid, zodra ik wat mij bevangt kan ‘laten’.  Daarmee ‘laat’ ik mijzelf. Want wat mij bevangt, daarmee identificeer ik me. Zitten en laten geeft niet mezelf maar de werkelijkheid de ruimte terug die ik met mezelf in nam. Ikzelf doe een stapje terug ten behoeve van de werkelijkheid die zich op zich moment, bevrijd van mij, aldus vrijelijk kan ontvouwen.

Dat stapje terug toont uiteindelijk geen andere werkelijkheid dan die waarin ik in de situatie van alledag functioneer. Nee, het plaatst die werkelijkheid in een ander, het eigenste licht. Het laat alles spreken vanuit zichzelf, niet gehinderd door de tussenkomst of ingekleurd door mijn idee, mijn gevoel en mijn emotie. Alle wezens en dingen kunnen zich tonen als geheel, het geheel waarvan mijn ‘ik’ getuige is en waarin ik me beweeg. Ik sta niet los van wat ik waarneem, ik ben de situatie die er op dit moment is. Hier is alles en hier wordt alles en het voltrekt zich aan jou en mij maar ook aan de koffiekop, de boom in de tuin, de vogel in de lucht, het vuil op straat, het water uit de kraan. Het voltrekt zich hier en het in het totale universum.

De waarde van zen is dat het mij iets aanreikt wat mij helpt mijzelf en dit leven te onderzoeken, er in af te dalen en uiteindelijk de dingen voor zich te laten spreken. Een levenswijze die mij terugbrengt naar de directe ervaring van leven zelf, naar de kwestie van leven en dood en, ja, uiteindelijk voorbij deze kwestie, een wedergeboorte die we kennen als, hoe wrang, de grote dood. Het ‘ik’ teruggekeerd in de functie die overeenkomt met de eigen natuur.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord