Op de lange trainingsweg wordt gerealiseerd en bekrachtigd dat dit bestaan niet-mijn bestaan is. Het zenpad beweegt je ertoe door te dringen tot in de essentie van dit bestaan, dat bestaan onvoorwaardelijk aan te nemen en voor te leven, niets meer, niets minder. Daarvoor is het nodig het starre besef van een ‘zelf’ te doorgronden en achter te laten’, alles te laten vallen, tot aan het ‘iets laten vallen’ toe.

Hier geldt: Niet mijn Wil maar uw Wil geschiedde. Deze Wil is de Universele scheppingskracht die expressie vindt in dit zelf van de individuele mens, een zelf dat niet is onderscheiden van al het andere en toch ook zichzelf is. Ruusbroec sprak van ‘Leven zonder waarom’. Dag Hammerskjöld van ‘volmondig ja zeggen tegen het leven’. De mens, dit bestaan, is uitdrukking van wat we Boeddhanatuur noemen, de wezensnatuur die zich in alles en iedereen als onbegrensde en peilloze aanwezigheid uitdrukt. Aan de praktijk verandert het weinig. Er is uiteindelijk niets waarop ik me kan beroepen. Ik blijf elke ochtend gewoon opstaan en overdag mijn werk doen en zal mezelf daarin telkens weer geconfronteerd zien met mijn menselijke  tekortkomingen. Dat is ‘t. Daarmee heb ik het te doen. Maar wat het in de kern is weet ik niet. Wat rest, is dit wonderlijke leven leven in niet-weten.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie